Uitspraken Geschillencommissie Zorgverzekeringen

Bindend advies GcZ, 19 februari 2020, SKGZ201900679

Uitspraak Geschillencommissie Zorgverzekeringen
Uitkomst: Afgewezen
Datum uitspraak: 19 februari 2020
Datum publicatie: 20 februari 2020

Verzoeker heeft bij de ziektekostenverzekeraar een aanvraag ingediend voor protonentherapie, uit te voeren te M√ľnchen, Duitsland. De ziektekostenverzekeraar heeft de aanvraag afgewezen, omdat niet is gebleken dat verzoeker is aangewezen op de aangevraagde behandeling. Met name is er geen planningsvergelijking waaruit blijkt dat protonentherapie bij verzoeker een meerwaarde heeft ten opzichte van fotonentherapie.
Het Zorginstituut heeft in zijn voorlopig advies van 9 september 2019 toegelicht dat een verzekerde alleen redelijkerwijs is aangewezen op protonentherapie als "een behandelaar-radiotherapeut met toepassing van het landelijk indicatieprotocol heeft geconcludeerd dat voor de betreffende verzekerde een klinisch relevant voordeel is te verwachten". Op dit moment bestaat echter geen landelijk indicatieprotocol voor prostaatcarcinoom. Daarom heeft verzoeker geen aanspraak op protonentherapie op basis van Vo. nr. 883/2004 dan wel op grond van de zorgverzekering.
De ziektekostenverzekeraar heeft na de hoorzitting besloten de behandeling met protonentherapie uit coulance (gedeeltelijk) aan verzoeker te vergoeden. Het al dan niet toekennen van een coulancevergoeding behoort in beginsel tot het eigen beleid van de ziektekostenverzekeraar. De commissie is niet bevoegd te oordelen over (de uitvoering van) de coulancevergoeding.